Gebalanceerd trainen

Deze week wil ik het hebben over gebalanceerd trainen en waarom ik van mening ben dat er geen betere optie is! Ik neem jullie mee in de verschillende leerprocessen van een hond, de verschillende trainingsopties en de verschillende hulpmiddelen die daarvoor beschikbaar zijn.

De 4 leerprocessen van een hond

Doordat we tegenwoordig veel meer onderzoek doen naar hoe een hond werkt zijn we erachter gekomen dat een hond, net zoals wij mensen, heel bewust een aantal processen doorloopt voordat hij iets echt aangeleerd heeft. We spreken van aangeleerd gedrag wanneer de hond een gedragsverandering laat zien na een ervaring. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het krijgen van een koekje wanneer hij gaat zitten, de hond leert na herhaling dat hij iets krijgt wanneer hij dat gedrag vertoond. Ook wanneer er nog geen commando aan het gedrag zit heeft de hond alsnog wat geleerd. Dit proces van aanleren kan in 4 fasen verdeeld worden.

De Aanleerfase

Het spreekt een beetje voor zich. De aanleerfase is de fase waarin een hond leert welk gedrag vertoond moeten worden om het beste resultaat te krijgen. Denk hierbij aan dat het beste resultaat voor de hond niet ook het beste resultaat in onze ogen is. Wij willen natuurlijk dat hij gedrag aanleert wat voor ons goed uitkomt, zoals zitten bij een stoeprand of stoppen met blaffen wanneer de bel gaat. Dit gedrag proberen we aan te leren door middel van beloningen en straffen. Het beste resultaat voor een hond is waarin hij de grootste beloning krijgt. Dit kan een beloning zijn in de vorm van voedsel, spel of aandacht van de baas. Maar het kan zich ook uiten door achter een kat aan te rennen, of een vreemde begroeten door er tegenop te springen. Hiermee leert de hond zichzelf een gedraging aan omdat hij het als belonend ervaart. Belangrijk in deze fase is dus om een grotere motivatie te zijn voor de hond. Dit kan soms nog knap lastig zijn, zeker als het ongewenste gedrag al door alle 4 leerfasen heen is gegaan.

De Beheersfase

In deze fase heeft de hond geleerd welk gedrag het beste resultaat oplevert. Automatisch gaat het commando nog niet, door middel van herhaling en een goeie timing zorg je ervoor dat het gedrag automatisch wordt vertoond. Voor uitleg over een goeie timing verwijs ik je graag naar een blog die ik hierover heb geschreven; Het belang van een goede timing.

Het automatisch vertonen van het gedrag kan bijvoorbeeld na een commando of handgebaar voor wenselijk gedrag. Als we het voorbeeld van de kat weer even terughalen wordt het erachter aan rennen automatisch voor de hond wanneer dit altijd leuk bleek te zijn. Het kan dus ook zeker voor onwenselijk gedrag wanneer hier nooit een consequentie aan vast heeft gezeten.

Vaak duurt deze fase relatief kort wanneer je traint in een prikkelvrije omgeving. Er is dan alleen maar oog voor jouw beloning, wat het makkelijker maakt voor de hond om het wenselijke gedrag te laten zien.

De Toepasfase

Het gedrag is nu aangeleerd en redelijk geautomatiseerd in een prikkelvrije omgeving. In de toepasfase gaan we dit gedrag uitbreiden om automatisch te worden in verschillende situaties. Het doel is om het gedrag in zo veel mogelijk verschillende omgevingen en contexten toe te passen.

Denk hierbij aan het commando ‘zit’ bijvoorbeeld. Beau heeft geleerd dat hij bij elke stoeprand en oversteekplek moet blijven staan en gaan zitten tot hij het commando ’toe maar’ krijgt waarin hij mag oversteken. Dit oefenen we bij elke stoeprand die we tegen komen maar ook bij een kruispunt in het bos. Ook moet Beau blijven zitten voordat hij de deur uit mag, voordat hij in en uit de auto komt, voordat hij aan zijn maaltijd kan beginnen en voordat hij aandacht mag krijgen van vreemden of vrienden. Het commando ‘zit’ is hierbij dus toegepast in verschillende omgevingen en situaties waardoor we er vanuit mogen gaan dat hij het gedrag volledig heeft geleerd.

Mijn voorkeur is om gedrag zo veel mogelijk eerst thuis te trainen en te automatiseren voor zover dit mogelijk is. Hierdoor creëer je een stevige basis waarop je kunt verder bouwen in situaties waarin het moeilijker is voor de hond. Het niet achter een kat aan mogen rennen is moeilijk om thuis eerst te oefenen, maar wanneer je ervoor zorgt dat een ander commando zoals ‘zit’ of ‘naast’ goed aangeleerd is kun je dit gedrag koppelen aan het zien van een kat in plaats van het achter de kat aanrennen. Zolang jouw beloning maar een grotere waarde heeft dan het achter de kat aanrennen.

De handhavingsfase

Nadat we het gedrag in zoveel mogelijk verschillende situaties en contexten hebben aangepast komen we terecht in de laatste fase. In deze fase gebruiken we het gedrag wat de hond heeft geleerd in de situaties waarin wij het nodig hebben. Het belang van deze fase is dat alle wenselijke gedragingen worden bijgehouden. Het is mogelijk dat de kennis wat verslapt wanneer de hond het gedrag een lange tijd niet heeft toegepast.

In deze fase is de beloning iets minder belangrijk omdat de hond, als het goed is, een positieve associatie heeft gekregen met het vertonen van het gedrag. In plaats van dat we elke ‘zit’ belonen, belonen we deze 1 van de 4 keren. Hierdoor behouden we de hoge motivatie om het gedrag uit te voeren zonder dat de beloning altijd verwacht wordt.

Trainingsopties

In de dierenwereld spreken we van verschillende soorten trainingsstijlen. We korten dit af met letters. Je kunt kiezen uit R+, R-, P+ en P-. De R staat voor het Engelse woord reinforcement, bekrachtiging in het Nederlands. P staat voor punishment of straf in het Nederlands. De + staat voor toevoegen en de – voor weghalen. Hieronder leg ik uit wat dat precies betekent.

R+

R+ staat dus voor het toevoegen van een bekrachtiging. Dit kan bestaan uit voedsel, spel, een aai over de bol of een vrolijke ‘goed zo!’. Alles wat jouw hond als positief ervaart kan hiervoor gebruikt worden.

R-

R- kan wat ingewikkeld worden. Een negatieve bekrachtiging neemt iets weg met als doel een gedrag vaker te laten voorkomen. Dit kan alles zijn wat de hond als negatief kan ervaren. Denk hierbij aan druk van de slip ketting of een naar geluid.

Een hond kan bijvoorbeeld bang zijn voor een afvalbak. Wanneer we deze afvalbak weghalen op het moment dat de hond gewenst gedrag vertoond belonen we de hond hierin door het negatieve weg te halen. Hierdoor leert de hond dat, wanneer hij rustig blijft het gene wat hij onprettig vindt juist weg gaat in plaats van dat het dichterbij komt.

P+

Het toevoegen van een straf spreekt denk ik een beetje voor zich. Belangrijk hierin is wanneer je kiest voor een straf en vooral van welke straf je gebruikt maakt. Hier ga ik zo meteen verder op in bij het onderdeel hulpmiddelen.

P-

Wanneer je de bekrachtiging, bij R+ beschreven, weghaalt kom je terecht bij P-. Wanneer jouw hond zeer gemotiveerd is op een speeltje kan dit vaak goed gebruikt worden.

Beau kan zich zeer focussen op een bal en probeert dan zoveel mogelijk gedragingen te laten zien op de hoop dat 1 er van goed is. Hij luistert hierin dus niet meer naar mijn commando omdat de motivatie voor het vertonen van gedrag te groot is. Door de bal in mijn zak te stoppen of achter mijn rug te houden zorg ik ervoor dat ik zijn focus terug win. Wanneer hij dan correct reageert op mijn commando kan ik alsnog zijn bal geven als beloning.

Hulpmiddelen

Tegenwoordig zijn er een heleboel verschillende hulpmiddelen te vinden om jou te helpen bij jouw training.

Voor R+ zijn dit bijvoorbeeld verschillende speeltjes en voedsel zoals hondenkoekjes, worst, kaas, trainingstreats enz. Het is vaak even uitzoeken waar de hond echt graag voor wil werken. Zo gebruik je beloningen die een lage waarde hebben voor de handhavingsfase en beloningen die een hoge waarde hebben voor de andere 3 fasen. Een ander handig hulpmiddel hiervoor is een clicker of fluit. Deze kunnen je helpen om het wenselijke gedrag te markeren.

P+ klinkt altijd wat negatief, je hond straffen door hem te trappen of te slaan is tegenwoordig niet meer waar P+ voorstaat. Een ‘straf’ voor de hond kan al een strenge ‘Nee!’ zijn. Wanneer je jouw lichaam gebruikt om de hond ergens uit te sturen maak je gebruik van P+. Zodra je jouw hond blokeerd in het vertonen van gedrag maak je gebruik van P+. Hulpmiddelen voor het gebruik van P+ zijn sliplijnen, e-collars en slipkettingen. Mijn voorkeur gaat hierin absoluut naar de normale sliplijn doordat deze een even druk kan uitoefenen, een goede sliplijn heeft een stop waardoor de hond zich niet kan ophangen in de lijn. De lijn van HunterX Hunter hebben mijn absolute voorkeur.

Het nadeel en gevaar aan een slipketting zijn de harde schakels. Wanneer de slipketting niet juist wordt gedragen blokkeren de schakels elkaar waardoor een zachte correctie niet mogelijk is. Wanneer de schakels elkaar niet blokkeren loop je het gevaar dat de hond zichzelf erin ophangt doordat er geen stop op zit. Een ander groot nadeel is dat de slipketting volledig ontspant wanneer er geen druk op komt waardoor deze naar beneden glijdt. Hierdoor kun je de correctie niet meer achter de oren geven waardoor je er veel meer kracht achter moet zetten om een gewenst effect te krijgen.

Wanneer mensen een e-collar of sliplijn gebruiken gaan ze er vanuit dat de hond precies weet wat de trilling of druk betekend. Net zoals het aanleren van het commando ‘zit’ moet je jouw hond ook leren wat de trilling of druk betekent. Het is geen wondermiddel en moet zeer bewust gebruikt worden.

Gebalanceerde training

In mijn optiek kan je in het honden trainen niet kiezen voor het 1 of het ander. Wel ben ik van mening dat de nadruk en het doel altijd positief moet zijn. Wanneer jouw training meer bestaat uit straffen dan uit bekrachtigingen doe je iets verkeerd. Mijn eerste uitgangspunt in het trainen van honden is de positieve bekrachtiging, pas bij zeer ingewoekerd gedragsproblematiek zal ik kiezen voor een hardere aanpak. Maar ondanks dat positieve bekrachtiging bij elke hond mijn uitgangspunt is gebruik ik ook bij elke hond de P+ methode. Door duidelijk Nee! te zeggen of druk uit te oefenen op een lijn wanneer ik wil aangeven dat iets niet mag gebruik ik al de P+ methode.

In elke training is het belangrijk dat we bewust nadenken over wanneer en waarom we iets toevoegen of weghalen. Waar ik bij een angstige hond eerder zou kiezen voor het weghalen van iets negatiefs kies ik voor een zelfverzekerde hond eerder voor het toevoegen van een straf of een bekrachtiging. Een angstige hond heeft vaak helemaal geen interesse in dat stukje worst, hoe lekker het dan ook mag zijn. Het komt altijd neer op de motivatie van de hond en hoe wij deze gebruiken om het gewenste gedrag aan te leren.

Elke hond is anders en elke hond heeft een eigen aanpak nodig. Wat in 1 situatie gewerkt heeft voor een hond hoeft in een andere situatie niet hetzelfde resultaat te brengen.

Heb jij hulp nodig bij het lezen van jouw hond om aan zijn specifieke behoeften te voldoen? Stuur me een e-mail voor een gratis online meeting!

Vergelijkbare berichten

Geef een reactie